Kennisbank

Kan een offline winkel de online sales vergroten?

SWOCC Selectie 2018_1

Jarenlang was Coolblue website only, maar binnen een kort tijdsbestek heeft het e-commerce bedrijf in Nederland zes fysieke, offline megawinkels geopend. De reden hiervoor is volgens Coolblue CEO Pieter Zwart dat ‘ouderwetse’ offline winkels essentieel zijn voor zowel de klanttevredenheid als de winstgevendheid. “Bovendien groeien de fysieke winkels erg hard, het afgelopen jaar zelfs harder dan onze online sales”, aldus Zwart. Lees verder

Consumentengedrag na het ontdekken van de ware herkomst van een product

Jos Hornikx

Haagen Dasz_Consumentengedrag

Als kind sta je er nauwelijks bij stil dat de producten die je in de supermarkt koopt uit andere landen kunnen komen dan Nederland. Op een bepaald moment kom je erachter dat Haribo helemaal niet uit Nederland komt maar uit Duitsland. Of dat het vertrouwde Dreft een Amerikaans merk is en dat dit ook geldt voor Häagen-Dazs, dat helemaal geen ijsmerk is uit een koud, Scandinavisch land. Heeft zo’n ontdekking invloed op het consumentengedrag? Beïnvloedt het de houding van de consument ten opzichte van het merk? Lees verder

Hoe kookprogramma’s het eetgedrag van kinderen beïnvloeden

Tim Smits

Pannenkoek

Voedselmarketing wordt vaak genoemd als een belangrijke reden voor de wereldwijde obesitas epidemie. Zeker met betrekking tot kinderen zijn marketeers voorzichtiger en is er allerhande zelfregulering. En terecht, want de jonge consument is een makkelijk doelwit voor (ongezonde) voedselmarketing. Ook buiten de voedselmarketing komen we als consument vaak via media in aanraking met voeding-, product-, ingrediënten- en portiegroottesuggesties. Een goed voorbeeld is de internationale populariteit van kookprogramma’s op televisie. Kan enkel het zien van voedsel in deze kookprogramma’s het eetgedrag van kinderen beïnvloeden?  Lees verder

Zo zorg je dat de consument uw printadvertentie begrijpt

Christian Burgers

Printadvertentie

Veel reclames maken gebruik van kleine visuele raadsels die de consument moet oplossen om de printadvertentie te kunnen begrijpen. Zo moet de kijker van een Audi-reclame herkennen dat er een visuele vergelijking wordt gemaakt tussen de wimpers van een vrouw en de snelheidsmeter van de auto. Hiermee wordt gesuggereerd dat de auto vergelijkbaar is met een aantrekkelijke vrouw. Maar in hoeverre worden dit soort visuele puzzels begrepen door de consument? Lees verder