Column

Daan de Raaf19 januari 2017

Over millennials en het misbruik, gebruik en ontbreken van wetenschappelijke onderbouwing

Column Daan de Raaf

Daan de Raaf

Veel van de lezers zullen het filmpje van Simon Sinek over de Millennials en hun werkhouding aan het eind van vorig jaar wel gezien hebben op social media. Als dat nog niet het geval is, het is een aanrader. Dat hij iets heeft geraakt bij de mensen mag duidelijk zijn. De video werd heel veel gedeeld en was onderwerp van gesprek bij het koffieapparaat. Het lijkt de jongere generatie goed te typeren en de uitdagingen goed te omschrijven. Simon Sinek brengt het heel stellig en feitelijk. Hij is een geweldige presentator. Het is een feest om naar te kijken en je bent geneigd om te denken: ja, dat herken ik.

De reactie van Shann Biglione van 4 januari j.l. op de video van Sinek kreeg op LinkedIn ook veel aandacht. Hij stelt de conclusies ter discussie. Dat doet hij erg gedegen. Sinek noemt vier oorzaken voor het gedrag van de millennials:

Ouderschap. Millennials zouden te veel beschermd worden, te veel worden verteld dat alles mogelijk is, dat ze mooi en goed zijn zoals ze zijn. Een generatie die een participatiemedaille krijgt als ze als laatste binnenkomen, waardoor prestaties en medailles waardeloos worden. Het gevolg is een generatie juist met een lage zelfwaarde. Biglione duikt onderzoek in en vindt wetenschappelijk bewijs dat juist aanmoediging een gevoel van eigenwaarde creëert, terwijl negatieve versterking juist tegenwerkt. Het niet bang zijn om te mislukken is belangrijk in de ontwikkeling van eigenwaarde van kinderen.

Technologie. De verslaving aan social media en schermen wordt neergezet als een belangrijke oorzaak van hun gedrag. Het verslavende effect van de dopamine die vrijkomt bij de constante sociale bevestiging die de technologie ons biedt, werkt verdovend in stressvolle situaties en belemmert ons daardoor in het vormen van betekenisvolle relaties. Het verdovende effect van social media is een interessant fenomeen en moet zeker onderzocht worden. Maar ook hier is een tegenargument. Dit geldt voor iedereen die deze technologie gebruikt en dus niet alleen voor millenials. Dus dat effect kan niet zonder meer op millenials worden geplakt. Daarbij is enkel het feit dat er bij gebruik van social media dopamine vrijkomt niet voldoende om verslaving te creëren. Wetenschappers zijn het dan ook nog niet eens over wat digitale verslaving nu precies is. Daarbij heeft iedere nieuwe technologie negatieve bijeffecten. Dat is niet nieuw voor deze tijd.

Ongeduld. Enigszins gerelateerd ook aan technologie is de geclaimde eigenschap dat millennials nogal ongeduldig zijn. Ze bingwatchen hele series, als je iets online bestelt is het er de volgende dag (of eerder). Ze leven in een wereld van instant gratification. Maar ook hier is de aanname dat wat geldt voor Netflix en online shoppen zich ook vertaalt naar hun houding als werknemer, weinig tot niet onderbouwd.

Omgeving. Het vierde argument is dat de omgeving waarin ze werken, teveel op de korte termijn is gericht in plaats van op de lange termijn. Dat er teveel focus ligt op kortetermijnresultaten. Maar laten we eerlijk zijn, dat is niet iets van de laatste tijd. Sterker nog, er lijkt juist een tegenbeweging te zijn ontstaan. In een artikel van de Harvard Business Review van november 2014 concludeert de schrijver op basis van onderzoek naar de werkattitude van jongeren in 1971 dat bedrijven en hun managers er eigenlijk altijd al mee worstelen om verbinding te leggen met de jongere generatie. Dat is ook weer iets van alle tijden.

Wat mij opvalt in deze discussie is dat er zo weinig aandacht is voor wetenschappelijk onderzoek, de wetenschappelijke discourse of als dat er wel is, heel eenzijdig. Er wordt eerst een stelling ingenomen en vervolgens wordt er wetenschappelijk onderzoek bij gezocht om het te onderbouwen. Met veel stelligheid wordt door Sinek de bevinding gebruikt dat gebruik van social media dopamine opwekt (dat is een onderzocht feit) maar dat wordt vervolgens zonder enige nuances vertaald naar effecten te vergelijken met alcoholverslaving. Hiermee wordt volledig voorbij gegaan aan de nuance en wetenschappelijke discussie die er op dit punt plaatsvindt. Verder zijn Sinek’s stellingen ook niet tot matig onderbouwd. Als je geen onderbouwing kan vinden voor je claim, dan gebruik je gewoon niets.

En dat terwijl er heel mooi onderzoek beschikbaar is. Onderzoek met behulp van de time lag-methode van Jean Twenge, psychologieprofessor aan de San Diego State University, waarbij mensen van dezelfde leeftijd vergeleken worden tussen verschillende perioden, laat zien dat de verschillen tussen millennials en eerdere generaties vrij beperkt zijn. Zo blijken millennials helemaal niet veel meer belang te hechten aan een organisatie met een duidelijk en meer altruïstisch doel en doen ze niet meer voor het milieu. Heel ontnuchterend onderzoek. Jammer alleen dat de auteur dan vervolgens een boek schrijft met de titel ‘Generation Me’, met “schokkende resultaten over de nieuwe generatie”. Ja, want met nuance en relativering verkoop je nu eenmaal geen boeken.

Eigenlijk is dat misschien ook allemaal niet zo verwonderlijk. Ons brein is nu eenmaal geprogrammeerd om meer aandacht aan veranderingen en verschillen te geven dan aan datgene wat hetzelfde blijft. We zijn gevormd door het vroeg signaleren van roofdieren en het jagen op prooi. Onderzoekers in neuroplasticity tonen aan dat de structuur van onze hersenen als gevolg van technologische ontwikkelingen wel degelijk aantoonbaar verandert, maar op grote lijnen is de werking van ons brein toch al 40.000 jaar redelijk onveranderd gebleven. Ook hier geldt dat wat gelijk blijft, groter is dan de verandering die we waarnemen.

Daan de Raaf is lid van de Raad van Advies van SWOCC en Executive Strategy Director bij J. Walter Thompson Amsterdam